Zorgrobot 2.0: geen klus te klein voor Rose

De kracht van een zorgrobot schuilt in zijn improvisatievermogen en zelfkennis. Rose 2.0 uit Delft weet wat hij kan, maar vooral wat hij níet kan.

Op het Delftse roboticacluster met de ambitieuze naam RoboValley is onlangs samen met de TU Eindhoven de Rose 2.0 ontwikkeld door Heemskerk ­Innovative Technology (HIT), tien jaar geleden opgericht en inmiddels een kleine maar serieus te nemen bouwer van zorgrobots.

Rose, een acroniem voor remotely operated service robot, is meer van de kleine klusjes dan van de grote gebaren. “Hij is gespecialiseerd in taken die de patiënt te basaal vindt om er de verpleging voor in te schakelen,” legt projectleider Jeroen Wildenbeest (30) uit. Voor iemand die zijn bed niet uit kan, is het heel lastig als de afstandsbediening op de grond valt, maar hij zal zich bezwaard voelen om er iemand voor te laten komen. Wildenbeest: “We spraken een cliënt die zich niet kon omdraaien als hij onder een deken lag. Rose kan dan langskomen om de deken een stukje op te tillen.”

Rustig werkende robot
De 1,5 meter hoge robot, uitgerust met een geavanceerde grijparm, blinkt niet uit in snelheid. Geen probleem, zegt ingenieur Nicky Mol (28). “Veel cliënten zijn senioren of hebben een handicap. Zij geven aan een rustig werkende robot juist prettig te vinden.”

Het idee, legt directeur Cock Heemskerk (57) uit, is dat Rose in zijn eentje diverse hulpbehoevenden bedient. “We programmeren Rose met een plattegrond van het gebouw en de appartementen, die in een verzorgingstehuis vaak veel op elkaar lijken.” De robot herkent veranderingen in de omgeving, waardoor ze relatief autonoom kan opereren. In elke zorg­instelling zijn klusjes waarvoor het personeel, vaak overbelast, weinig tijd heeft. Rose kan helpen bij taken die goed zijn te standaardiseren, zoals wasgoed rondbrengen en de tafel dekken – activities of daily living in jargon.

De kracht van een robot schuilt in zijn improvisatievermogen. “Rose maakt telkens de afweging: kom ik eruit met mijn gebruikelijke handelwijze?” zegt Wildenbeest. “Ze scant de omgeving met een laser, maar dat werkt niet altijd in de buurt van glazen deuren. In zo’n geval moet hij weten: hier kan ik beter scannen met sonar.”

Operator helpt vanaf afstand
Je kunt nog zo zorgvuldig programmeren, met veranderende omstandigheden weet een robot zich niet altijd raad. Directeur Heemskerk: “We kunnen zorgen dat Rose tien merken jus d’orange herkent en het goede pak uit de koelkast haalt. Maar wat als de fabrikant ineens een nieuwe verpakking heeft bedacht?”

De uitdaging voor de robotbouwers is om Rose te laten begrijpen dat hij in zulke situaties hulp moet inroepen van de operator. Die interpreteert vanuit zijn controlekamer de instructies van de cliënt aan de robot en kan de besturing overnemen. Via de op Rose bevestigde camera’s kan hij zien wat hij doet, terwijl een soort multidimensionale joystick hem de macht over de grijparm geeft. Die joystick is uiterst gevoelig – geen overbodige luxe bij subtiele handelingen als het openen van een ritssluiting. Eventuele weerstand die de robotarm ondervindt, wordt overgebracht op de joystick, waarop dan tegenkracht voelbaar is. Zo kan de operator op kilometers afstand een haperende rits tandje voor tandje openen.

Als zich onverwachte veranderingen voordoen, moet Rose die op waarde schatten. Een in de weg liggende tas schuift hij achteloos opzij. Maar als het meneer Jansen is die hyperventilerend op de grond ligt, is actie geboden en moet de robot weten dat hij dit niet alleen kan oplossen.

Productie opschroeven
Op termijn moet de operator in zijn ‘cockpit’ fungeren als achtervang voor pakweg tien robots, die per stuk heel wat cliënten bijstaan en verplegend personeel ontlasten. Op die manier moet Rose zichzelf terugverdienen, zegt directeur Heemskerk. De robot is nu nog te duur, geeft hij toe: zo’n 100.000 euro. “Door de productie op te schroeven, moeten we op termijn kunnen zakken tot rond de 50.000 euro. Ik vind dat Rose maximaal 1,5 fte mag kosten.”

Bij HIT kennen ze de angst­reflex die het fenomeen ‘robot’ oproept bij personeel in de zorg. Maar Rose maakt niemand werkloos, zegt Wildenbeest. Zijn ervaring is dat scepsis snel omslaat in enthou­siasme als personeel ziet hoe de robot hen kan helpen. Bovendien weet Rose wanneer hij tegen zijn grenzen oploopt en menselijke hulp vereist is. Een goede robot kent zijn beperkingen.

(Bron: Elsevier)

Facebook Twitter Email

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *